Wat ik leerde op Web Summit 2016

Leestijd: 2 minuten

babyx

Vorige week was ik op de Web Summit in Lissabon, “Europe’s Largest Technology Marketplace”. Een aantal punten vond ik interessant. En één case maakte grote indruk.

De thema’s
Virtual Reality was het ene grote thema van het congres. Veel bedrijven proberen de kloof tussen virtueel en echt kleiner en intuïtiever te maken. Zo wordt het steeds makkelijk om virtuele objecten ‘aan te raken’, doordat handgebaren beter te herkennen zijn. Bijvoorbeeld met speciale handschoenen. Maar ook met minuscule radars, die de echo’s van specifieke bewegingen herkennen.

websummit-vr

Artificial Intelligence was het andere thema. Intelligente robots duiken overal op. Het lijkt alsof de meeste bedrijven druk zijn mensen overbodig te maken. Dit terwijl onze planeet een boel tekorten heeft. Maar een tekort aan mensen is daar niet perse eentje van, voor m’n gevoel.

De kritische noot
Tussen de regels door kwam daardoor een gevoel naar boven. De verkiezing van Donald Trump verstevigde dit. Dit is dat de digitale industrie in een bubbel leeft en het contact met de normale wereld dreigt te verliezen.

In deze bubbel werd Clinton president en maakt innovatie het leven steeds beter en leuker. Ondertussen kiest een grote groep mensen een andere president, omdat deze dingen alles behalve beter vindt gaan. Onderzoek van de Britse overheid leerde dat 51% van de mensen vindt dat innovatie op dit moment te snel gaat. Er ontstaat een kloof tussen mensen die wel en niet meedoen met vernieuwing.

Verder zijn digitale voorlopers bezig met vrij basale dingen: snellere bezorging en goedkopere overnachting. Dit terwijl best gesteld kan worden dat de wereld met serieuzere uitdagingen worstelt, zoals klimaatverandering, armoede en het vastlopen van het democratisch proces. Zie ook dit artikel van de Correspondent: De Grote Disruptive-Start-up-Out-Of-The-Box-Co-Creation-in-the-Cloud-Bullshit-Bingo.

Daardoor ontstond er op diverse podia een teneur dat er misschien wat meer moet worden veranderd, dan de manier waarop we producten en diensten kopen.

BabyX
Tot zover de kritische noot. Want toen ik BabyX zag, sprong ik weer enthousiast in de bubbel. Deze innovatie valt onder het kopje AI en maakte grote indruk. Of, zoals één van de oprichters van Pixar ooit zei: “If I had my time again I’d want to spend it in this lab”.

Laboratory for Animate Technologies is een project van de University of Auckland in Nieuw Zeeland. Het creëert live simulaties van mensen. Interessant is dat dit helemaal vanuit de basis gebeurt.

Het project simuleert dus niet zomaar ‘lachen’ of ‘huilen’ door een gezicht vrolijk of droevig te maken. Het begint met de kleinste elementen. De chemische stofjes, die in de hersenen zitten. Hoe deze met elkaar reageren. Wat dat betekent voor de hersenactiviteit. Hoe de spieren veranderen en hoeveel inspanning ze hiervoor moeten leveren. Wat dat betekent voor de ademhaling, de emotionele reactie en de uiteindelijke gezichtsuitdrukking.

Dit kan nog steeds ‘lachen’ zijn. Maar door de verfijnde micro-expressies komt het lachen erg realistisch over. De digitale persoonlijkheid leert daarbij continu van interactie met echte mensen.

BabyX is een simulatie van een jong kindje. Deze voelde tijdens de demo zo realistisch, dat ik het uit de laptop wilde redden. Want de demonstratie gebeurde live op een gewone, zelfs wat verouderde, MacBook!

Ook volwassen personen worden zo realistisch gesimuleerd. De onderzoekers kunnen hierbij direct zien wat er in de hersenen gebeurt. En ze kunnen specifieke stofjes in de aanmaken om een reactie te beïnvloeden.

Ofwel, binnenkort hebben we ook geen mensen meer nodig om een emotionele relatie op te bouwen :).

10 belangrijke trends voor fabrikanten

Leestijd: 3 minuten

mckinsey2030-top

McKinsey&Company heeft onderzocht hoe producenten van consumentengoederen er in 2030 voorstaan. Dit levert een interessant lijstje op. Met digitale supermarkten en nieuwe niches.

A. Verandering in consumentengedrag.

Consumentengedrag polariseert. Belangrijker dan ooit is dat fabrikanten kiezen: voor welke segmenten en kanalen gaan ze? En voor welke niet?

1. De massamarkt stagneert.
In 2030 kan 25% van de West-Europeanen met pensioen. Het gemiddeld besteedbare inkomen daalt hierdoor, waardoor er minder bereidheid is om hoge prijzen te betalen. Producenten van massaproducten zijn hierdoor niet langer in staat prijsstijgingen door te belasten aan klanten, zonder aan marktaandeel te verliezen. Kostenreductie wordt hierdoor nog belangrijker.

2. Groei in niches.
Terwijl de massamarkt krimpt, bloeien kleine, maar winstgevende niches op. Bijvoorbeeld rond gezond eten en producten die makkelijk, milieuvriendelijk of gepersonaliseerd zijn. Op dit moment stelt al een derde van de Europeanen hier meer voor te willen betalen. Bedrijven die op deze niches willen inspelen moeten innovatief, snel en ‘agile’ zijn.

3. Fragmentatie van kanalen en prijsvechters.
Klanten, die trouw zijn aan één type winkel, worden nog zeldzamer. Prijsvechters spelen hierop in. Terwijl veel winkelformules stagneren, groeien zij de komende tijd met 5% per jaar. Dit is een kans voor fabrikanten van private-labels.

4. Digitale supermarkten.
De online supermarkt groeit langzaam, maar gestaag in Europa. Het wordt een steeds belangrijkere inkomstenbron voor zowel winkelketens als producenten. Het aandeel van e-supermarkten kan in 2030 oplopen tot 15%.

Doordat online kopers geneigd zijn steeds dezelfde producten te kopen, wordt het heel belangrijk voor producenten om een vaste plek op het digitale boodschappenlijstje te krijgen. Het gevecht om schapruimte verschuift naar een gevecht om aanwezigheid in apps, op websites en in zoekmachines.

B. Verandering van de industrie
Maar niet alleen consumentengedrag verandert. De producenten van consumentenproducten veranderen zelf ook. Belangrijke ontwikkelingen zijn verticale integratie, digitalisering en agressieve kostleiderschap.

5. Verticale integratie en nieuwe modellen.
Met name in online retail wordt verticale integratie het nieuwe normaal. E-commerce pioneers zoals Amazon zijn zo in veel categorieën actief. En gespecialiseerde start-ups verkopen producten direct aan consumenten, zoals scheermesjes of ‘functional foods’.  Vaak doen ze dit op basis van abonnementen.

Dergelijke ontwikkelingen veranderen de dynamiek in de industrie fundamenteel. Interessant is dat sommige producenten een compleet eigen distributiekanaal gaan introduceren, buiten de reguliere kanalen om.

6. Digitalisering van processen.
Vooruitlopende producenten gebruiken digitaal daarbij om hun klantcontact en waardeketen slimmer in te richten. Zo kunnen ze klanten in de kleinste niches bereiken, sneller op groeimarkten inspelen en een structurele premiumpositie creëren.

Huidige voorlopers weten hun kosten al tot 30% te besparen. Tegelijkertijd kunnen ze sneller gepersonaliseerde producten maken.

7. Kostleiderschap en consolidatie.
Activistische investeerders stimuleren vernieuwing en gaan voor kostleiderschap. Grotere efficiency en lagere kosten leiden tot agressieve prijsconcurrentie. Zo winnen ze marktaandeel en kunnen ze nieuwe overnames doen om hun bereik verder te vergroten.

C. Externe invloeden
En tenslotte is er een aantal externe krachten, dat vernieuwing stimuleert.

8. Strengere regelgeving.
Overheden, zowel op Europees als landelijk niveau, introduceren de komende jaren nieuwe maatregelen om consumenten beter te beschermen en maatschappelijke ondernemen te stimuleren. Dit maakt het leven van producenten lastiger. Maar het creëert ook kansen voor bedrijven die voorlopen op dit gebied

9. Kwetsbare aanvoer.
Een lastigere uitdaging is het effect van natuurrampen en politieke instabiliteit. Zeker in industrieën waar alles aan elkaar verbonden is.

Belangrijke antwoorden zijn snelle waarschuwingssystemen of alternatieve aanvoerroutes. Net als verregaande verticale integratie.

10. Nieuwe arbeidsnormen.
In West-Europa staat de 40-urige werkweek onder druk, net als langdurige trouw aan de werkgever en homogene arbeidersklassen.

McKinsey&Company stelt dat de invloed hiervan structureel wordt onderschat. Jonge werknemers zijn minder loyaal en vragen om meer vrijheid, maar blijven tegelijkertijd tot een hogere leeftijd aan het werk. Bedrijven die met nieuwe voorwaarden talent weten aan te trekken, krijgen een belangrijk concurrentievoordeel.

D. Het model van de toekomst.
Hamvraag is daarmee: hoe ziet het model van de toekomst eruit? Slechts een kleine groep producenten slaagt met een individueel model. Voor de rest is de uitdaging meerdere modellen te combineren.

mckinsey2030

Basics.
Deze bedrijven focussen zich op standaardisatie en efficiency en snijden in hun operationele kosten. Ze worden ‘category killers’.

Niche.
Aan de andere kant zitten de premium markten. Deze producenten kiezen voor ‘agile’ benaderingen en slimme technieken. Zo weten ze hun productie en ontwikkeling te versnellen en beter in te spelen op de nieuwe consumentenvraag.

Private-label.
Andere bedrijven richten zich vol op de productie van private-labels. Niet als een extraatje, maar als een serieuze bron van inkomen. Op deze manier kunnen producenten ook makkelijker aanvoerder worden in hun categorie en hun eigen merken beter ondersteunen.

Direct naar de klant
Sommige fabrikanten zijn inmiddels begonnen met hun eigen online en offline distributiekanalen. Belangrijk is dat zij deze kanalen scherp scheiden van hun traditionele kanalen, om conflicten te voorkomen en nieuwe proposities de ruimte te geven snel te groeien.

Lees het hele artikel hier

Met dank aan Sebastiaan Vaessen voor de tip.

Kunstmatige intelligentie in 7 stappen

Leestijd: 1 minuut

her

Het internet draait om strijd: wie wordt de monopolist van een domein?

Eerst ging deze om bereik: wie wordt het grootste medium? Toen draaide het om ‘search’, daarna om de ‘social graph’: wie verbindt het beste mensen aan elkaar?

Nu gaat de strijd om service: welke partij gebruik je straks om assistentie te vragen? Bijvoorbeeld als je een taxi, pizza of recept wilt. Of als de lichten moeten worden gedimd?

Apple’s Siri? Google Home? Amazon Echo? WeChat? Ik vind dit een bijzonder interessante ontwikkeling. Service is daarmee echt een massamedium aan het worden, zoals ik eerder schreef.

Belangrijk is AI: de mate waarin een computer in staat is je te begrijpen. Dit artikel is leuk leesvoer: welke assistent geeft je superkrachten? Het maakt onderscheid tussen 7 fases.

superpowers

1. Kennis
Intelligentie draait om veel dingen weten. Google heeft hier gewonnen.

2. Begrip
Belangrijk is vervolgens interpretatie: wat bedoel je precies? Dit domein draait om stemherkenning, de herkenning van lichaamstaal, gezichtsherkenning en de vertaling van tekst.

Microsoft zegt dat stemherkenning nu een foutratio van 6.3% heeft. Mensen zitten rond de 4%.

3. Assistentie
In dit domein zitten Amazon Echo en consorten. Hier gaat het om hulp. Wat heb je nodig en hoe kan jouw productiviteit worden vergroot?

Reageren op een hulpvraag is belangrijk, maar pro-activitiet ook: de assistent moet weten wat je nodig hebt, zonder dat je er om vraagt. Bijvoorbeeld een filemelding gebaseerd op de verwachting dat je zo naar huis rijdt.

4. Complexiteit
Intelligentie kan ook complexe informatie terugbrengen tot een eenvoudige kern. Bijvoorbeeld grote juridische documenten vertalen naar een kernachtig overzicht. Of complexe marktinformatie terugbrengen tot een strategisch inzicht.

5. Creativiteit
Dit is het vermogen om tot nieuwe ideeën te komen. Bekende concepten moeten naar nieuwe situaties worden vertaald. Hier wordt druk mee geëxperimenteerd, zoals AI dat een trailer helpt te maken of muziek schrijft.

6. Emotionele intelligentie
Hier ligt één van de grootste uitdagingen: het begrijpen en toepassen van intelligentie om een doel te bereiken. Als mensen worstelen we hier vaak nog mee. De interpretatie van emotie is belangrijk.

De film Her is een goed voorbeeld.

7. Bewustzijn
Hier zit de heilige graag en het Terminator-schrikbeeld. Machines krijgen een bewustzijn. Voorlopig nog flinke toekomstmuziek.

Bij dit alles lijkt de grote uitdaging niet zozeer om slimme apparaten te maken. Maar om ervoor te zorgen dat deze het leven van mensen makkelijker maken. En ons dus ‘superkrachten’ geven.

Ofwel: leuk dat de machine iets kan. Maar gaat een handeling daardoor veel sneller, kost deze een stuk minder moeite of is de uitkomst significant beter?

Druk nu op de Home-knop van je iPhone en vraag Siri een afspraak met een vriend van dinsdag naar woensdag te verplaatsen. En je voelt waar de schoen wringt :).

Lees het hele artikel

Slim ‘antropologisch detail’ van Amazon

Het zijn de kleine dingen die het hem doen. Amazon heeft een Surprise Me!-knop toegevoegd. Druk er op en een willekeurige pagina van het boek wordt opengeslagen.

Hoewel dit een klein ideetje lijkt, heb ik het gevoel dat er meer aan vooraf gegaan is. Vorige week zag ik een lezing van Tom Kelley, naar aanleiding van zijn boek Ten Faces Of Innovation.

Hij benadrukte hoe belangrijk een antropoloog is bij innovatie. Iemand die het veld ingaat en aandachtig observeert hoe mensen met producten omgaan. Een antropoloog is erg goed in het zien van die kleine dingetjes, die je normaal over het hoofd ziet.

Vanaf je computer is het logisch dat je een boek pagina voor pagina bekijkt, net als een Powerpoint-presentatie. En daarom kon je voorheen alleen op die manier een boek bij Amazon doorbladeren.

Pas als je in de boekenwinkel staat, zie dat niemand dat ‘in het echt’ doet. Het leuke aan een boekenwinkel is juist het willekeurig bladeren.

Bron: Crackunit.com