Speel Pictionary met Google’s AI

Leestijd: Minder dan 1 minuut

quickdraw1

Je leest veel over Artificial Intelligence. En je hebt er een beeld bij. Maar hoe werkt het precies? En hoe goed is het in staat abstractere dingen te begrijpen?

Een leuk, simpel voorbeeld is Quick, Draw! van Google. Je kunt Pictionary spelen met een slimme computer van Google. Deze probeert te raden wat je tekent. En doet dat verrassend goed. Leuk voor een regenachtige zaterdagmiddag :).

Zie hoe Google denkt
Grappig is dat je tijdens het tekenen hoort wat Google denkt dat je tekent. En nadat je 6 tekeningen hebt gemaakt, kun je zien hoe Google heeft geleerd je krabbel te herkennen.

quickdraw2

Probeer het hier zelf

 

Meer AI
Hier staan meer AI-experimenten van Google. Een ander voorbeeld is Thing Translator. Je richt je telefoon op een object en Google probeert het te herkennen en te vertalen naar diverse talen.

thingtranslator

Zo groeien digitale merken naar 1.000.000 klanten

Leestijd: 2 minuten

explosie

Eerder schreef ik dit artikel: eerst service of klanten? Aanleiding was een stuk uit Harvard Business Review. Moet een nieuw, digitaal merk eerst een service of eerst klanten hebben? Het antwoord: het begint met een sterke, onderscheidende service.

Inmiddels is er een vervolg: hoe maak je de volgende stap en ga je van 1.000 naar een miljoen klanten? Uber, Airbnb en Etsy zijn wederom onderzoeksmateriaal.

Van aanbod naar vraag
Uitgangspunt is dat een strategie er weliswaar voor kan zorgen dat een starter succesvol is. Maar diezelfde strategie kan in de weg zitten als het bedrijf groeit.

Want eerst is een focus op aanbod belangrijk. Het succes zit in de nieuwe, opvallende service. Deze moet worden getest onder een slimme selectie van gebruikers. Op basis van hun feedback moet deze vervolgens continu worden verbeterd. Succes hangt af van de snelheid waarmee wordt ontdekt welke dingen werken en welke niet.

Maar na de eerste 1.000 klanten blijkt het moeilijk om deze organische benadering door te zetten. Een startup moet verschuiven van aanbod naar vraag.

Zo wordt ‘bereik’ in de tweede fase belangrijk. Digitale media worden ingezet, het liefst zo laagdrempelig mogelijk. Denk aan advertenties op Google of Facebook. Deze zijn heel goedkoop om te ontwikkelen. De plaatsingskosten zijn een stuk lager dan reguliere reclame. En ze hebben een veel specifieker bereik. Hierdoor kan wederom snel worden ontdekt wat wel en niet werkt. Uber leerde op die manier welke mensen de grootste kans maakten om chauffeur te worden. Zo kon het een steeds speficieker advertentieprofiel opbouwen.

Kritische klanten
Een ander verschil met de eerste fase: nieuwe klanten gedragen zich anders dan klanten van het eerste uur. Gebruikers van het eerste uur zijn vaak enthousiastelingen. Latere klanten zijn minder betrokken en minder begripvol. Ze zijn daardoor kritischer en minder bereid een premium prijs voor een service te betalen.

Goed luisteren en snel reageren worden daardoor nog belangrijker. Airbnb leerde zo bijvoorbeeld dat ‘schoon’ een cruciaal element was voor nieuwe, kritische huurders. Dus ontwikkelde het een speciale schoonmaakdienst, die verhuurders konden gebruiken. Ook bleek ‘vertrouwen’ een grote rol te spelen. Airbnb besloot daarom een koppeling te maken met Facebook Connect. Hierdoor waren huurders en verhuurders niet langer anoniem.

Het belang van een kookboek
Maar vaak zijn dit soort praktische inzichten niet genoeg. Aanvullend is het belangrijk om vanuit de toekomst te redeneren: hoe zit de propositie er dan idealiter uit? Vervolgens kan stapsgewijs terug worden geredeneerd naar de realiteit: wat moet worden veranderd om dit te bereiken?

Verder is de juiste focus van belang: waar moet verdere groei worden gezocht? Een deel van het antwoord ligt dan juist in het verleden: waarin zat toen de groei?

Voor Uber bleek bijvoorbeeld dat succes uit het verleden te maken had met een grote hoeveelheid restaurants, een dynamisch nachtleven en slecht weer. Dus ging het voor verdere groei op zoek naar soortgelijke situaties. Chicago bleek een ideale doorstap. Het had veel restaurants, een bruisend nachtleven en sterk wisselend klimaat. Hiermee vond Uber een basisformule, die het vertaalde naar een ‘kookboek voor groei’. Dit kookboek heeft het daarna consequent toegepast.

chicago

Waar de stap naar 1.000 klanten langzaam kan gaan, kan die naar 1 miljoen ineens heel snel gaan. De auteurs van het artikel stellen, dat het moeilijke dan is, om in fase 2 nieuwe dingen te proberen. En succesvolle tactieken uit fase 1 los te laten.  Hier is moed voor nodig. Gebeurt dat niet, dan lukt het niet een groeispurt te maken en verliest een bedrijf snel weer z’n momentum.

Lees het hele artikel

Wat ik leerde op Web Summit 2016

Leestijd: 2 minuten

babyx

Vorige week was ik op de Web Summit in Lissabon, “Europe’s Largest Technology Marketplace”. Een aantal punten vond ik interessant. En één case maakte grote indruk.

De thema’s
Virtual Reality was het ene grote thema van het congres. Veel bedrijven proberen de kloof tussen virtueel en echt kleiner en intuïtiever te maken. Zo wordt het steeds makkelijk om virtuele objecten ‘aan te raken’, doordat handgebaren beter te herkennen zijn. Bijvoorbeeld met speciale handschoenen. Maar ook met minuscule radars, die de echo’s van specifieke bewegingen herkennen.

websummit-vr

Artificial Intelligence was het andere thema. Intelligente robots duiken overal op. Het lijkt alsof de meeste bedrijven druk zijn mensen overbodig te maken. Dit terwijl onze planeet een boel tekorten heeft. Maar een tekort aan mensen is daar niet perse eentje van, voor m’n gevoel.

De kritische noot
Tussen de regels door kwam daardoor een gevoel naar boven. De verkiezing van Donald Trump verstevigde dit. Dit is dat de digitale industrie in een bubbel leeft en het contact met de normale wereld dreigt te verliezen.

In deze bubbel werd Clinton president en maakt innovatie het leven steeds beter en leuker. Ondertussen kiest een grote groep mensen een andere president, omdat deze dingen alles behalve beter vindt gaan. Onderzoek van de Britse overheid leerde dat 51% van de mensen vindt dat innovatie op dit moment te snel gaat. Er ontstaat een kloof tussen mensen die wel en niet meedoen met vernieuwing.

Verder zijn digitale voorlopers bezig met vrij basale dingen: snellere bezorging en goedkopere overnachting. Dit terwijl best gesteld kan worden dat de wereld met serieuzere uitdagingen worstelt, zoals klimaatverandering, armoede en het vastlopen van het democratisch proces. Zie ook dit artikel van de Correspondent: De Grote Disruptive-Start-up-Out-Of-The-Box-Co-Creation-in-the-Cloud-Bullshit-Bingo.

Daardoor ontstond er op diverse podia een teneur dat er misschien wat meer moet worden veranderd, dan de manier waarop we producten en diensten kopen.

BabyX
Tot zover de kritische noot. Want toen ik BabyX zag, sprong ik weer enthousiast in de bubbel. Deze innovatie valt onder het kopje AI en maakte grote indruk. Of, zoals één van de oprichters van Pixar ooit zei: “If I had my time again I’d want to spend it in this lab”.

Laboratory for Animate Technologies is een project van de University of Auckland in Nieuw Zeeland. Het creëert live simulaties van mensen. Interessant is dat dit helemaal vanuit de basis gebeurt.

Het project simuleert dus niet zomaar ‘lachen’ of ‘huilen’ door een gezicht vrolijk of droevig te maken. Het begint met de kleinste elementen. De chemische stofjes, die in de hersenen zitten. Hoe deze met elkaar reageren. Wat dat betekent voor de hersenactiviteit. Hoe de spieren veranderen en hoeveel inspanning ze hiervoor moeten leveren. Wat dat betekent voor de ademhaling, de emotionele reactie en de uiteindelijke gezichtsuitdrukking.

Dit kan nog steeds ‘lachen’ zijn. Maar door de verfijnde micro-expressies komt het lachen erg realistisch over. De digitale persoonlijkheid leert daarbij continu van interactie met echte mensen.

BabyX is een simulatie van een jong kindje. Deze voelde tijdens de demo zo realistisch, dat ik het uit de laptop wilde redden. Want de demonstratie gebeurde live op een gewone, zelfs wat verouderde, MacBook!

Ook volwassen personen worden zo realistisch gesimuleerd. De onderzoekers kunnen hierbij direct zien wat er in de hersenen gebeurt. En ze kunnen specifieke stofjes in de aanmaken om een reactie te beïnvloeden.

Ofwel, binnenkort hebben we ook geen mensen meer nodig om een emotionele relatie op te bouwen :).

3 video’s over de toekomst van VR

Leestijd: 1 minuut

sarotis

Chriet Titulaer zei het al: we leven in een Wondere Wereld. Klik hier voor jeugdsentiment. En dat doen we nog steeds. Bijvoorbeeld op het gebied van Virtual Reality. Hieronder drie films die de wonderen van VR – en Augmented Reality – verder verkennen.

Je telefoon meet 3D
Allereerst Google’s ProjectTango. Dit project leert telefoons om diepte te zien. Nu kijken telefoons nog ‘plat’. Straks kunnen ze 3D-films van een ruimte maken. Hierbij leggen ze niet alleen vast wat ze zien. Ze analyseren ook direct de hoogtes, breedtes en de posities van alle objecten op de film. Dat kan handig zijn als je een ruimte in 3D wil scannen, bijvoorbeeld je nieuwe woning.

projecttango

Je telefoon begrijpt hierdoor ook beter waar je naar kijkt. Nu gebruikt je telefoon vooral je GPS-positie om te begrijpen waar je je bevindt. Dit werkt buiten goed, maar binnen minder.

Met Tango kun je in 3D door een museum worden geleid. De telefoon begrijpt hierbij precies naar welk object je kijkt. Zo kun je telkens de juiste uitleg of instructies krijgen.

Tango lijkt misschien toekomstmuziek. Maar Lenovo heeft de technologie al toegepast in de Phab 2 Pro.


Je kleding laat je 3D voelen
Interactive Architecture vroeg zich vervolgens wat af. Straks hebben we deze technologie allemaal in onze telefoon. Maar hoe maak je deze virtuele  informatie weer voelbaar?

Dus: als je een VR-bril opzet, zie je wel 3D. Maar je voelt de virtuele ruimte nog niet. De ontwerpers bedachten daarom Sarotis, een interessant experiment. Het introduceert innovatieve kledingstukken met een hoog Blade Runner-gehalte.

De kleding geeft de drager ‘haptic feedback’. Net zoals je telefoon trilt om een geluid ‘tastbaar’ te maken, heeft de kleding interessante snufjes om ruimte ‘voelbaar’ te maken. Je voelt zo dus waar je je in een virtuele ruimte bevindt of wat je virtueel ‘aanraakt’.

Sarotis loodste proefpersonen zo door een onzichtbaar doolhof, puur met  de stimuli die het pak hen gaf.

Meer over Sarotis in FastCompany.

8 pitches van bekende startups

pitch-dragonsden

Grappig. Huffington Post heeft een lijstje met lessen van pitchpresentaties van succesvolle startups. De tips zijn herkenbare klassiekers. Houd het simpel. Beschrijf een duidelijk probleem. Geef een simpele oplossing. En begin met een knal.

Mijn oog viel op de voorbeelden: de pitchpresentaties van succesvolle startups. Sommige zijn leerzaam. Andere staan grappig genoeg haaks op de succestips: ze hebben miljoenen opgehaald met wollige Powerpoints.

Voor de aardigheid heb ik heb wat rond gesnuffeld. Hier 8 op rijtje.

Hamvraag is natuurlijk: would you have invested? 🙂


Airbnb


Facebook


Foursquare


LinkedIn


YouTube


Ooomf


BuzzFeed


Mint

Deze innovaties gooien de funnel omver

Leestijd: 1 minuut

dollshaveclub

Als je Frislicht, m’n publicaties of lezingen een beetje volgt, weet je dat ik fan ben van vernieuwing in marketingland. Digitaal speelt hierbij een belangrijke rol. Veel geaccepteerde marketingwetten zijn door bits&bytes omver gegooid.

De stappen doorelkaar
Eentje hiervan is de funnel. En de traditionele stappen die hiermee gepaard gaan. Aanname: je moet eerst iets kennen, leuk vinden en willen hebben, voordat je het koopt. In de regel duurt het een tijdje, voordat je deze stappen doorloopt.

Groupon toonde al aan, dat dit ook andersom kan: je koopt eerst iets en leert het dan pas kennen en leuk vinden. Bijvoorbeeld een goedkope bon voor een sauna, waarvan je nog nooit hebt gehoord. Zie ook dit stukje, dat ik in 2011 schreef.

Big data
Inmiddels gaat digitaal een stukje verder.  The Economist heeft hier een leuk artikel over. Aankopen worden bijvoorbeeld steeds meer geautomatiseerd. Dankzij big-data wordt het goed mogelijk te voorspellen wat een klant gaat kopen. Zo ontstaan er Spotify’s voor FMCG. Op basis van een vast bedrag per maand, krijg je precies de artikelen die je nodig hebt. Birchbox is een voorbeeld. Voor $10 ontvangen abonnees iedere maand samples van schoonheidsproducten. Dit model is er ook voor scheermesjes, hondenvoer of sportartikelen. Sterker, dit jaar zijn er rond de 1.000 van dit soort diensten. In 2013 waren dit er nog maar 284.

dashbutton

 

Slimme gadgets
Een andere ontwikkeling is dat met slimme gadgets een aankoop vrijwel automatisch gaat. De Dash Button van Amazon is hier een goed voorbeeld van. Druk op het kleine knopje. En Amazon levert binnen enkele uren een afgesproken aankoop: bijvoorbeeld 20 nieuwe rollen toiletpapier of 2 pakken luiers van Pampers. De helft van de Maxwell House koffie, die bij Amazon wordt gekocht, wordt gekocht via de Dash Button. Ook P&G  profiteert flink van onze gemakzucht. Het deed vroeg mee aan Amazons experiment. Inmiddels is een derde van alle aankopen via de Dash Button van P&G. General Electric heeft zelfs wasmachines die zo hun eigen wasmiddel bestellen.

Het wachten is nu op een ‘neutrale knop’. Uit onderzoek in Engeland bleek dat er vooral behoefte is aan een slimme gadget, die steeds de goedkoopste toiletpapier, hondenbrokken of scheermessen van een bepaald merk weet te vinden. Dus los van een specifieke aanbieder.

Van emotie naar gewoonte
Uiteraard is een hoop van het bovenstaande nog onder de kop ‘experimenteel’ te scharen. Schatting zijn, dat minder dan de helft van de mensen die een Dash Button heeft, er ooit op heeft gedrukt. Maar belangrijk is te constateren dat er aan de horizon iets fundamenteels gebeurt. FMCG-merken hebben van oudsher veel geïnvesteerd in emotionele loyaliteit. Byron Sharp zette hier al kritische kanttekeningen bij. En in de digitale toekomst lijkt loyaliteit op basis van gemak nog belangrijker te worden. Belangrijk is niet zozeer welk merk het leukste, maar welk merk het makkelijkste is

Lees het artikel

10 belangrijke trends voor fabrikanten

Leestijd: 3 minuten

mckinsey2030-top

McKinsey&Company heeft onderzocht hoe producenten van consumentengoederen er in 2030 voorstaan. Dit levert een interessant lijstje op. Met digitale supermarkten en nieuwe niches.

A. Verandering in consumentengedrag.

Consumentengedrag polariseert. Belangrijker dan ooit is dat fabrikanten kiezen: voor welke segmenten en kanalen gaan ze? En voor welke niet?

1. De massamarkt stagneert.
In 2030 kan 25% van de West-Europeanen met pensioen. Het gemiddeld besteedbare inkomen daalt hierdoor, waardoor er minder bereidheid is om hoge prijzen te betalen. Producenten van massaproducten zijn hierdoor niet langer in staat prijsstijgingen door te belasten aan klanten, zonder aan marktaandeel te verliezen. Kostenreductie wordt hierdoor nog belangrijker.

2. Groei in niches.
Terwijl de massamarkt krimpt, bloeien kleine, maar winstgevende niches op. Bijvoorbeeld rond gezond eten en producten die makkelijk, milieuvriendelijk of gepersonaliseerd zijn. Op dit moment stelt al een derde van de Europeanen hier meer voor te willen betalen. Bedrijven die op deze niches willen inspelen moeten innovatief, snel en ‘agile’ zijn.

3. Fragmentatie van kanalen en prijsvechters.
Klanten, die trouw zijn aan één type winkel, worden nog zeldzamer. Prijsvechters spelen hierop in. Terwijl veel winkelformules stagneren, groeien zij de komende tijd met 5% per jaar. Dit is een kans voor fabrikanten van private-labels.

4. Digitale supermarkten.
De online supermarkt groeit langzaam, maar gestaag in Europa. Het wordt een steeds belangrijkere inkomstenbron voor zowel winkelketens als producenten. Het aandeel van e-supermarkten kan in 2030 oplopen tot 15%.

Doordat online kopers geneigd zijn steeds dezelfde producten te kopen, wordt het heel belangrijk voor producenten om een vaste plek op het digitale boodschappenlijstje te krijgen. Het gevecht om schapruimte verschuift naar een gevecht om aanwezigheid in apps, op websites en in zoekmachines.

B. Verandering van de industrie
Maar niet alleen consumentengedrag verandert. De producenten van consumentenproducten veranderen zelf ook. Belangrijke ontwikkelingen zijn verticale integratie, digitalisering en agressieve kostleiderschap.

5. Verticale integratie en nieuwe modellen.
Met name in online retail wordt verticale integratie het nieuwe normaal. E-commerce pioneers zoals Amazon zijn zo in veel categorieën actief. En gespecialiseerde start-ups verkopen producten direct aan consumenten, zoals scheermesjes of ‘functional foods’.  Vaak doen ze dit op basis van abonnementen.

Dergelijke ontwikkelingen veranderen de dynamiek in de industrie fundamenteel. Interessant is dat sommige producenten een compleet eigen distributiekanaal gaan introduceren, buiten de reguliere kanalen om.

6. Digitalisering van processen.
Vooruitlopende producenten gebruiken digitaal daarbij om hun klantcontact en waardeketen slimmer in te richten. Zo kunnen ze klanten in de kleinste niches bereiken, sneller op groeimarkten inspelen en een structurele premiumpositie creëren.

Huidige voorlopers weten hun kosten al tot 30% te besparen. Tegelijkertijd kunnen ze sneller gepersonaliseerde producten maken.

7. Kostleiderschap en consolidatie.
Activistische investeerders stimuleren vernieuwing en gaan voor kostleiderschap. Grotere efficiency en lagere kosten leiden tot agressieve prijsconcurrentie. Zo winnen ze marktaandeel en kunnen ze nieuwe overnames doen om hun bereik verder te vergroten.

C. Externe invloeden
En tenslotte is er een aantal externe krachten, dat vernieuwing stimuleert.

8. Strengere regelgeving.
Overheden, zowel op Europees als landelijk niveau, introduceren de komende jaren nieuwe maatregelen om consumenten beter te beschermen en maatschappelijke ondernemen te stimuleren. Dit maakt het leven van producenten lastiger. Maar het creëert ook kansen voor bedrijven die voorlopen op dit gebied

9. Kwetsbare aanvoer.
Een lastigere uitdaging is het effect van natuurrampen en politieke instabiliteit. Zeker in industrieën waar alles aan elkaar verbonden is.

Belangrijke antwoorden zijn snelle waarschuwingssystemen of alternatieve aanvoerroutes. Net als verregaande verticale integratie.

10. Nieuwe arbeidsnormen.
In West-Europa staat de 40-urige werkweek onder druk, net als langdurige trouw aan de werkgever en homogene arbeidersklassen.

McKinsey&Company stelt dat de invloed hiervan structureel wordt onderschat. Jonge werknemers zijn minder loyaal en vragen om meer vrijheid, maar blijven tegelijkertijd tot een hogere leeftijd aan het werk. Bedrijven die met nieuwe voorwaarden talent weten aan te trekken, krijgen een belangrijk concurrentievoordeel.

D. Het model van de toekomst.
Hamvraag is daarmee: hoe ziet het model van de toekomst eruit? Slechts een kleine groep producenten slaagt met een individueel model. Voor de rest is de uitdaging meerdere modellen te combineren.

mckinsey2030

Basics.
Deze bedrijven focussen zich op standaardisatie en efficiency en snijden in hun operationele kosten. Ze worden ‘category killers’.

Niche.
Aan de andere kant zitten de premium markten. Deze producenten kiezen voor ‘agile’ benaderingen en slimme technieken. Zo weten ze hun productie en ontwikkeling te versnellen en beter in te spelen op de nieuwe consumentenvraag.

Private-label.
Andere bedrijven richten zich vol op de productie van private-labels. Niet als een extraatje, maar als een serieuze bron van inkomen. Op deze manier kunnen producenten ook makkelijker aanvoerder worden in hun categorie en hun eigen merken beter ondersteunen.

Direct naar de klant
Sommige fabrikanten zijn inmiddels begonnen met hun eigen online en offline distributiekanalen. Belangrijk is dat zij deze kanalen scherp scheiden van hun traditionele kanalen, om conflicten te voorkomen en nieuwe proposities de ruimte te geven snel te groeien.

Lees het hele artikel hier

Met dank aan Sebastiaan Vaessen voor de tip.

3 november spreek ik op eHome&Deco

Leestijd: Minder dan 1 minuut

nestehome

Donderdag 3 november geef ik een lezing op eHome&Deco van Emerce en Sanoma. Ik spreek om 10:35 in de Theaterzaal en vertel hoe merken in het digitale tijdperk gebouwd worden.

Digitale marketing draait om innovatie
Veel merken zitten gevangen in een reclamewedloop. Dit komt door een gebrek aan innovatie. Merken die digitaal slim inzetten, vallen niet zozeer op met hun campagnes, maar met hun innovatieve services.

Waar reclame consumenten verleidt iets te willen, zorgen slimme services dat ze meer kunnen. Want service is het nieuwe massamedium. Marketing verschuift zo van woorden naar daden. Codewoorden zijn Seamless, Growth-hacking en Storytelling: digitale services versoepelen cruciale handeling op een manier die schaalbaar is en praatwaarde creëert.

Marketingstrateeg Ingmar de Lange deelt zijn onderscheidende visie op deze ontwikkeling. Met praktische voorbeelden binnen Home Deco en succescases van grote internationale merken.

Hier staat meer over mijn lezing.

Handig: elke klant heeft deze 30 behoeftes

Leestijd: 1 minuut

closeup-gezicht

De piramide van Maslow is een belangrijke inspiratiebron voor merkbouwers. We kunnen de 4 lagen van zijn ‘hierarchy of needs’ makkelijk oplepelen. Maar het is lastiger deze lagen te vertalen naar concrete consumentenbehoeftes: wat moet het merk precies doen om hierop in te spelen?

Bain & Company heeft daarom een online onderzoek gedaan, zo schrijft Harvard in een interessant artikel (leesvoer!). Het vroeg 10.000 consumenten hoe ze naar 50 Amerikaanse bedrijven keken. Met de resultaten lukte het Bain om de piramide van Maslow concreter in te vullen. Dit resulteerde in 30 concrete klantbehoeften. Deze zijn lekker bruikbaar.

Als ik hier naar kijk, wordt mijn gevoel bevestigd, dat merken zich vooral moeten focussen op de lagere regionen van de keten. Uiteraard is het mooi om hoog te zitten. En idealiter is dat ook het geval.

Maar het is meestal al een flinke kluif om de onderste lagen goed in te vullen. En vaak heeft dit ook het grootste effect. Succesvolle startups zitten vrijwel allemaal op ‘lage’, basale waarden. Ze zijn succesvol doordat ze een bepaalde handeling ‘seamless’ maken, bijvoorbeeld betalen, op vakantie gaan of van A naar B reizen. Zie ook dit artikel dat ik in 2014 schreef voor Tijdschrift voor Marketing: Merken, zak omlaag in de Maslowketen!

Of, zoals Harvard schrijft: “Well-designed online businesses make many consumer interactions easier and more convenient. Mainly digital companies thus excel on saves time and avoids hassles.”

Maar uiteraard is het fijn als je ook een stap hoger kunt gaan. Bedrijven, die ook een emotionele connectie met hun klanten weten te maken, hebben een betere NPS. Fysieke winkels zijn hierbij in het voordeel, zij scoren beter op status dan online uitdagers. Het artikel beschrijft dan ook welke waarden voor welke branche het belangrijkste zijn.

maslowketendoorbain